Laat mij aanbidden
wie ik wil; laat mij alleen zijn
om te gedenken wie ik wil: deze nacht is nog niet
verloren, deze nacht wil ik een engel gedenken
in gedachten die ik nooit zal verwoorden.

Marchesa
Kom, laten wij in gesprek, en niet in kreten
van bloed en vuur de ochtend tegemoet gaan.
Gun mij uw zwakte, die komt mij toe,
en schaam u vannacht niet daarvoor.
Harald, wil jij ook eens aan mij toebehoren,
alleen vannacht; wees niet koel, veracht mij niet.
Ik wil niet over jullie heersen
maar jullie dienen, in een drukkend verband.
Harald, hem die ik vertrouwde vond ik niet,
maar ik zag hem, ongenaakbaar
als een god in zijn tabernakel; ik leed
en vreesde hem, aanbad hem
van veraf.
Soms voel ik mij aan hem verwant.
Dan wil ik mij
met hem verenigen om hem lust
te verschaffen

en mijzelf te konsolideren
in een punt
buiten mijzelf.

In echte liefde, eeuwig
mij vastnagelen.

Deze nacht kan ik iets
te weten komen.
Kijk, ik zie het weerlichten
voor het venster.

weldra zal het vuur
ons bezoeken.
Geloof me, Viktor, daar kwam ik voor,
alleen daarvoor!

Volgende
Vorige
Teksten
Schilderijen van Adriaan Brolsma